Van achterstand naar potentieel - Jongerenwerk als sleutel tot gelijke kansen
Nizar Ahalli is jongerenwerker en jongerencoach bij Stichting Be OK in Amsterdam Nieuw-West. Na een studie commerciële economie en een carrière in arbeidsbemiddeling ontdekte hij via zijn werk op scholen in Rotterdam-Zuid dat zijn hart ergens anders lag. 'Ik zag die achterstand en dacht: die jongeren hebben het wel te verduren. Toen ben ik mezelf gaan afvragen wat ik daar voor ze kon betekenen.'
'Op school ben ik het eerste aanspreekpunt voor veel jongeren. Ze zien me als een grote broer. Ik ken iedereen bij naam, ik weet wat alle hobby's zijn. En anders dan de docent geef ik geen cijfers, geen straf, ik bel niet met de ouders. Ik ga een rondje met ze wandelen. Ik vraag waaróm iemand bepaald gedrag vertoont, zonder er boos om te worden. Dat maakt het soms makkelijker om iets van me aan te nemen. De drempel is een stuk lager.'
Mensenkennis als instrument
'Vorig jaar stond de volle school bijna te wachten tot ik aan zou komen om tien uur. Een leerling was bont en blauw aangetroffen. En niemand wou praten. Ik keek de klas rond en zag aan de gezichten wie wat wist. Ik stapte af op de beste vriendin van dat meisje, want ik wist: die weet meer. Ik breng veel tijd door met de jongeren; ik ken hun gedrag en mimiek. Zo kwam ik snel achter het echte verhaal. Zoiets lukt alleen als je, met die unieke positie van jongerenwerker, geïnvesteerd hebt in die relatie. En het vraagt ook een lange adem. Maar op het moment dat het telt, is het die investering die het verschil maakt.’
Horizon verbreden
‘Ik bied binnen de school workshops en projecten aan, over thema's als social media, middelengebruik of mentale weerbaarheid. Jongeren bepalen zelf het onderwerp, ik faciliteer. Ze discussiëren, maken iets creatiefs, krijgen een gastspreker. Het doel is ze handvatten te bieden, waar ze iets aan hebben als ze later in hun leven op een kwetsbaar punt komen. Maar preventie zit ook gewoon in het gesprek. Als ik iemand zie roken, ga ik dat niet verbieden. Ik vraag: waarom doe je dat? Waar komt het vandaan? Zonder oordeel. Zodat iemand zich gehoord voelt.
Meerdere identiteiten
‘Natuurlijk deel ik ook dingen van mezelf. Die authenticiteit wordt gewaardeerd, merk ik. In Nieuw-West, waar ik werk, komen veel jongeren uit een grootstedelijke, maar soms ook beperkte bubbel. Ze kennen de rest van Nederland niet altijd goed. Wanneer ze geconfronteerd worden met mensen die anders zijn dan zij, weten ze soms niet goed hoe ze zich moeten verhouden. Ik herken me in veel van hen. Door mijn eigen achtergrond begrijp ik de vragen rondom identiteit, kansen en de manier waarop er in de maatschappij naar je gekeken kan worden.’
De kern
‘Ik probeer jongeren mee te geven dat wat soms als zwakte wordt gezien, juist een kracht kan zijn. Het is voor mij de kern van diversiteit en inclusie: dat verschillen er mogen zijn en dat je niet één deel van jezelf hoeft weg te drukken om erbij te horen. Ik leer jongeren dat je trots kunt zijn op meerdere identiteiten tegelijk, ongeacht waar je vandaan komt. Voor de één betekent dat bijvoorbeeld Marokkaans, moslim en Nederlands; voor een ander weer iets heel anders. Het één sluit het ander niet uit. Jongeren hoeven niet iemand anders te worden om geaccepteerd te worden. Ze mogen juist steviger worden in wie ze allemaal zijn.
‘Ik probeer jongeren mee te geven dat wat soms als zwakte wordt gezien, juist een kracht kan zijn. Ze hoeven niet iemand anders te worden om geaccepteerd te worden.’