Kennis

Van wachtlijst naar vroegsignalering - Jongerenwerk en de aanpak van jeugdcriminaliteit

Jan Dirk de Jong is lector Aanpak Jeugdcriminaliteit aan de Hogeschool Leiden. Als criminoloog verdiepte hij zich jarenlang in de leefwereld van jongeren die afglijden richting criminaliteit. Nu ontwikkelt hij samen met jongerenwerk een nieuw vakgebied: jeugd- en veiligheidsjongerenwerk. Zijn boodschap is hoopvol én scherp: jongerenwerk kan een cruciale schakel zijn in het voorkomen van jeugdcriminaliteit, wanneer de kaders van het vak helder zijn.

'Via het jongerenwerk leerde ik de jongeren pas echt goed kennen. Het waren de mensen met de voelsprieten in de wijk, en dat is nog steeds zo. Een goede jongerenwerker ziet het vroeg. Die ziet welke jongere de verkeerde kant op dreigt te gaan, nog voordat er een delict is gepleegd. Dat is goud waard. Een jongerenwerker kan zo'n jongere nog omleiden. Hij gaat met hem sporten, zorgt dat school weer loopt, begeleidt hem in hoe hij nee zegt tegen de groep. Dat is waar dit vak het verschil maakt.'

Drie doelgroepen, heldere keuzes

'Als je het over jeugd en veiligheid hebt, onderscheid ik graag drie doelgroepen. De A-groep: jongeren bij wie al duidelijke risicosignalen zichtbaar worden. Denk aan kleine vormen van grensoverschrijdend gedrag, beginnende delicten, boosheid of krenking die snel in agressie kan omslaan, en een sterke invloed van de groep. Juist deze jongeren zijn nog goed relationeel beïnvloedbaar. Als je daar te laat bij bent, kunnen ze snel verder afglijden. De B-groep: jongeren die een eerste serieus strafbaar feit hebben gepleegd. Vaak speelt groepsdruk en status een belangrijke rol. Veel van deze jongeren twijfelen nog over de richting die ze opgaan. Met voldoende tijd en relatie kan een goede jongerenwerker ook hier nog omleiden. Door structuur te bieden, school of werk weer op gang te helpen, en jongeren te ondersteunen in het omgaan met groepsdruk. Tegelijk zie je in deze groep ook jongeren bij wie criminaliteit sneller normaliseert en status of geld belangrijker wordt. Dan wordt het moeilijker om bij te sturen. En dan heb je de C-groep: jongeren die al structureel betrokken zijn geraakt bij criminaliteit. Vaak hebben zij schulden, een duidelijke positie in een criminele groep of staan ze onder sterke druk van netwerken. In die fase is regulier jongerenwerk meestal niet meer voldoende en moeten andere partijen in de keten het voortouw nemen. Die grens is belangrijk te trekken; het biedt duidelijkheid over rollen en verwachtingen, zodat jongerenwerk kan doen waar het meeste verschil maakt.'

Professionaliseren en verantwoorden

'Voor de AJA heb ik een opleiding ontwikkeld om jongerenwerkers te helpen zich te professionaliseren. Welke doelgroepen zijn van jou? Hoe signaleer je vroeg? Hoe bouw je samenwerkingsrelaties op? En hoe leg je jouw impact uit aan de gemeente? Want dat laatste is essentieel. Jongerenwerkers zijn heel goed in hun werk, maar kunnen het soms moeilijk uitleggen. Als je dat niet kunt verantwoorden, blijf je afhankelijk van politieke winden en tijdelijke budgetten. Terwijl je eigenlijk zou moeten kunnen zeggen: wij draaien de kraan dicht. Investeer in ons, en over tien jaar hebben jullie minder ellende. Dat verhaal moet het vak kunnen vertellen.'

12 maart 2026

Meer lezen

Kennis

Onze publicatie JWC ‘26

Lezen
Kennis

Jolanda Sonneveld

Lezen